Toerentalinstelling
Met de toets voor toerentalinstelling (15) kunt u het noodzakelijke toerental in 3 standen instellen. Druk zo vaak op de toets (15) tot de gewenste instelling in de toerentalaanduiding (16) te zien is. De gekozen instelling wordt opgeslagen.
Het vereiste toerental is afhankelijk van het materiaal en de werkomstandigheden en kan door praktische tests bepaald worden.
Basisinstelling toerental bij stand | |||
|---|---|---|---|
1 | 2 | 3 | |
[min–1] | [min–1] | [min–1] | |
Aantal toerentalstanden | |||
3 | 0–1000 | 0–1500 | 0–2300 |
Met de toets voor toerentalinstelling (15) kunt u het noodzakelijke toerental ook tijdens het gebruik instellen.
U kunt de toerentalinstelling ook via de Bosch-app „PRO 360“ uitvoeren.