Toerentalinstelling
Met de toets voor toerentalinstelling (12) kunt u het noodzakelijke toerental in 3 standen instellen. Druk zo vaak op de toets (12) tot de gewenste instelling in de toerentalaanduiding (13) te zien is. De gekozen instelling wordt opgeslagen.
U kunt de toerentalinstelling ook via de „PRO360“-app uitvoeren.
Het vereiste toerental is afhankelijk van het materiaal en de werkomstandigheden en kan door praktische tests bepaald worden.
Basisinstelling toerental bij stand | |||
|---|---|---|---|
1 | 2 | 3 | |
[min–1] | [min–1] | [min–1] | |
Aantal toerentalstanden | |||
3 | 0–1200 | 0–1900 | 0–2800 |
Met de toets voor toerentalinstelling (12) kunt u het noodzakelijke toerental ook tijdens het gebruik instellen.